woensdag 4 oktober 2017

HERINNERINGEN AAN DE POLDER WALCHEREN EN HET DIJKWERK: ADRI SIMONSE


INTERVIEW ADRI SIMONSE – WATERSCHAP SCHELDESTROMEN

Ik ben aan de dijk gekomen in 1984. We hadden toen een ploeg van een man of acht in de Noord, zoals we dat nog noemden, de oude Noordwatering, zo ongeveer van Zoutelande naar Oostkapelle. Ik werkte met die acht man voor een aannemer die de opdrachten kreeg van het waterschap. Die hadden ook nog twee cantonniers daar rondlopen. 

Aannemers die in opdracht het onderhoudswerk uitvoeren is van alle tijden. Dat gebeurde vroeger zo en tegenwoordig ook. Wat veranderd is is het opgeven van die indeling in vier wateringen. Die hadden toen allemaal nog een eigen opzichter en eigen cantonniers. 

Door de fusies (eerst met Noord- en Zuid Beveland, toen Schouwen, dan Tholen en dan de ‘Overkant’ zoals wij zeggen: Zeeuws Vlaanderen) werd het alleen maar groter. Vandaag de dag bestrijken we dus een veel groter rayon dan een dijkopzichter van vroeger: op waterkeringen kennen we in de hele provincie nu nog maar drie districten op dat hele stuk met hun eigen aannemer, hun eigen opzichter en een paar kantonniers.

Rijkswaterstaat heeft op een gegeven moment het roer omgegooid en alles toch wel radicaal anders aangepakt. Alles vanuit die veiligheidsnormen van mogelijke stormen die eens in de zoveel duizend jaar voor zouden kunnen komen. Alles werd groot aangepakt, glooiingen werden overlaagd (breuksteen over de glooiingen gegooid, ingegoten met gietasfalt) , alles werd enorm versterkt met als gevolg maar heel weinig schade. En de zandsuppleties zijn er gekomen, voor de kust en ook op het strand. De paalhoofden zitten eigenlijk helemaal onder het zand, dus daar kan ook weinig meer mee gebeuren. Ja, soms moet je nog wel eens wat palen vernieuwen maar dat is het eigenlijk. Werken op de paalhoofden deden we vroeger nog wel maar tegenwoordig is dat ARBO-technisch ook niet meer verantwoord, dus dat gebeurt niet meer. Al dat onderhoudswerk van vroeger, dat is er niet meer. Het is allemaal zo sterk geworden, daar zit praktisch nooit schade in. Vroeger was er altijd schade: na een storm moest ergens steen aangevuld worden, hier lag een berm overhoop zeg maar, daar stukken glooiing kapot, altijd wat en dat is helemaal verdwenen. Vroeger moest je zelf alles gaan inspecteren maar nu lopen de kantonniers buiten met een laptop, alles wordt geregistreerd in een programma en op kantoor kunnen ze dan zo aflezen waar wat gebeuren moet. Maar dat is peanuts vergeleken met zeg maar 30 jaar geleden. 

Net als vroeger is de veiligheid voor ons het belangrijkste, daar staan we voor. Maar het is veel meer controleren en inspecteren dan daadwerkelijk uitvoeren. Dat is een groot verschil en je hebt er ook minder mensen voor nodig. Nu is er natuurlijk ook nog een aannemer voor als er iets is want zelf hebben we daar de mankracht niet voor. Machines komen ook van de aannemer, zelf hebben we die maar in beperkte mate. Trekkers, een kraantje en een auto nog wel natuurlijk maar daar houdt het wel mee op. Dat verschilt trouwens niet met vroeger in de tijd van de Polder Walcheren, toen was dat ook allemaal van de aannemer. 

Maar wie de eigenaar van de grond ook is, gemeente of particulier bijvoorbeeld, het waterschap gaat over de veiligheid en daarom, als die veiligheid in het geding is, bepaalt het waterschap wat er gebeurt. Niet dat er niks mag natuurlijk, er mag van alles, maar niet als de veiligheid in gevaar zou kunnen komen. En dat bepalen wij uiteindelijk. Het rijk heeft andere stukken waterkering waar ze verantwoordelijk voor zijn. Kijk, rijk, provincie, waterschap en gemeentes, ze hebben allemaal hun eigen verantwoordelijkheden en mensen die daarvoor verantwoordelijk zijn. Rijk en provincie kunnen ons wel dingen opleggen maar wij zijn een zelfstandige organisatie. 

Ons werk op het Veerse Meer is wel een beetje apart en valt hier een beetje buiten. Dat is gericht op de recreatie, de veiligheid speelt daar een minder grote rol. Het gaat om het onderhoud van de steigers enzo, een apart clubje is daarvoor aan het werk. De dijken om het meer heen, daar gaat het natuurlijk wel weer om de veiligheid. 

Ik ben natuurlijk van na de oorlog dus uit eigen ervaring weet ik natuurlijk niks over de tijd voor WOII. Maar uit verhalen van mijn opa en mijn ouders weet je natuurlijk wel het een en ander. Zeker over de periode van de oorlog zelf want dat is natuurlijk heel ingrijpend geweest in Westkapelle. Vroeger, als er een verjaardag was, dat duurde nooit lang maar dan kwam het altijd op de oorlog, altijd. Veel gebeurde vroeger met de hand, er lag een kippenspoortje  over de dijk voor de aanvoer van materialen en de stortsteen kwam in bakken over het water. De bakkenboot noemden ze dat bij ons op het dorp.

Middelburg, 30 augustus 2016

Geen opmerkingen:

Een reactie posten